|
Ooi(t) wrochtig
kroop het drachtig schaap het
drasch gehucht langschdoor vorschend
immersch naar n'n knaap wiensch
borgdom zij verkoor Den daad onttrokken
uit een jachtig vlerk door
schuld verholde oogen het
tijdsontwrichtte leevenschwerk lag
meenig jaar te droogen |